Blog

Munteenheid in Thailand: zo regel je je geldzaken op reis

De munteenheid in Thailand is de Thaise baht. Lees hoe je handig omgaat met pinnen, wisselen, contant geld en creditcards, met concrete tips uit Bangkok, Chiang Mai, Phuket en de eilanden.

Lynn 2 mei 2026 15 min lezen
Munteenheid in Thailand: zo regel je je geldzaken op reis

De munteenheid in Thailand lijkt in het begin misschien wat wennen, maar je hebt het sneller door dan je denkt. Als je vooraf weet hoe de Thaise baht werkt, waar je het beste pint en wanneer je contant nodig hebt, voorkom je onnodig gedoe op reis. Met een paar praktische keuzes regel je je geldzaken gewoon relaxed tussendoor.

In deze gids neem ik je stap voor stap mee: van de basis van de baht tot pinnen, wisselen, contant betalen en creditcards. Met voorbeelden uit plekken als Bangkok, Chiang Mai, Phuket en de eilanden, zodat je precies weet wat je in de praktijk kunt verwachten.

De Thaise baht uitgelegd

De munteenheid van Thailand is de Thaise baht, afgekort als THB. Je ziet het symbool ฿ overal: op menukaarten, bij pinautomaten en in winkels. Op dit moment is 1 euro ongeveer 38 baht, maar de koers schommelt. Reken daarom altijd even grof in je hoofd in plaats van je vast te klampen aan één bedrag dat je thuis hebt opgezocht.

Handig is om een paar vaste “rekentrucjes” te gebruiken. Bijvoorbeeld: 100 baht is grofweg 2,50 euro, 500 baht ongeveer 12 tot 13 euro en 1.000 baht rond de 25 euro. Zo kun je in een restaurant in Bangkok of op de night market in Chiang Mai snel inschatten of iets duur of goedkoop is, zonder steeds je telefoon erbij te pakken.

Biljetten en munten in de praktijk

De biljetten die je het meest gebruikt zijn ฿20 (groen), ฿50 (blauw), ฿100 (rood), ฿500 (paars) en ฿1.000 (bruin). Kleine uitgaven, zoals een pad thai op straat in Bangkok, een mango sticky rice op de Sunday Walking Street in Chiang Mai of een tuk-tukritje in Ayutthaya, betaal je meestal met 20, 50 of 100 baht.

De hogere biljetten van 500 en 1.000 baht zijn handig voor grotere bedragen: je hotel in Krabi, een duiktour op Koh Tao of een binnenlandse vlucht die je bij een lokaal reisbureautje in Phuket Town afrekent. Probeer die grote biljetten niet tevoorschijn te halen bij een klein kraampje dat maar een paar tientjes baht omzet per keer. Dat levert vooral gezucht en zoekwerk naar wisselgeld op.

Qua munten kom je vooral ฿1, ฿2, ฿5 en ฿10 tegen. Die gebruik je bijvoorbeeld voor een flesje water bij een 7-Eleven, het toilet bij een busstation in Sukhothai of een kleine snack op een lokale markt in Lampang. De satang-muntjes (25 en 50 satang) zie je bijna niet. In supermarkten als Big C of Tesco Lotus krijg je ze soms nog, maar vaak wordt er gewoon afgerond. Maak je hier niet druk om, je hebt satang als reiziger praktisch nooit echt nodig.

Respect voor de biljetten

Op alle biljetten staat de Thaise koning. In Thailand is de monarchie heel belangrijk en daar wordt serieus mee omgegaan. Gooi dus niet met geld, schrijf er niet op en scheur geen biljetten doormidden. Ook per ongeluk op een biljet gaan staan om te voorkomen dat het wegwaait op een pier in Koh Phi Phi kan al scheve blikken opleveren.

Als je een beschadigd biljet krijgt in een klein winkeltje in bijvoorbeeld Pai of op Koh Lanta, probeer dat dan zo snel mogelijk uit te geven in een grotere supermarkt of bij een tankstation. Die accepteren het meestal nog wel, terwijl een klein stalletje het soms weigert.

Wisselkoers en geld meenemen vanuit Nederland

Voor je vertrekt, is het slim om de wisselkoers even te checken. Niet om alles tot achter de komma uit te rekenen, maar zodat je een gevoel hebt bij wat je betaalt voor een maaltijd in Bangkok, een taxi in Chiang Mai of een hotel op Koh Samui. Zelf gebruik ik vaak een app als XE Currency of ik typ gewoon “THB EUR” in Google.

Je hoeft in Nederland geen grote stapel Thaise baht te regelen. De koers is in Thailand meestal beter dan bij een Nederlands wisselkantoor, en je betaalt in Nederland vaak extra kosten. Bovendien is het gewoon onhandig om met veel contant geld te reizen.

Hoeveel contant geld neem je mee?

Wat in de praktijk goed werkt, is om hooguit 50 tot 100 euro aan baht mee te nemen voor de eerste uren of dag. Daarmee kun je vanaf het vliegveld in Bangkok een taxi of Airport Rail Link betalen, wat drinken en een eerste maaltijd halen. Daarna pin je gewoon in Thailand zelf.

Ga je rechtstreeks door naar een minder toeristische plek, zoals een homestay in de buurt van Chiang Rai of een rustig eiland als Koh Yao Noi, dan is het fijn om iets meer startgeld te hebben. Denk dan aan 150 tot 200 euro aan baht, zodat je de eerste dag of twee geen stress hebt als je niet meteen een pinautomaat tegenkomt.

Waar kun je het beste wisselen in Thailand?

In Thailand kun je op verschillende plekken geld wisselen als je contante euro’s of dollars bij je hebt:

  • Banken in steden als Bangkok, Chiang Mai, Phuket en Udon Thani zijn betrouwbaar en hebben vaak nette koersen. Nadeel: beperkte openingstijden en soms wachtrijen.
  • Wisselkantoren zoals SuperRich (vooral in Bangkok, bijvoorbeeld bij BTS-stations rond Sukhumvit en bij Pratunam) staan bekend om goede koersen en snelle service.
  • Hotels wisselen soms ook, maar dat is bijna altijd de minst gunstige optie qua koers.

Verblijf je bijvoorbeeld in de wijk Sukhumvit of Silom in Bangkok, dan loop je zo een SuperRich of ander wisselkantoor binnen. Op een eiland als Koh Lanta of Koh Chang heb je vaak maar een paar kleine wisselkantoortjes en zijn de koersen minder gunstig. Wissel daarom liever een wat groter bedrag in één keer als je een goede koers ziet, in plaats van elke dag een klein beetje.

Neem geen grote hoeveelheden contant geld vanuit Nederland mee. Dat is niet nodig en vergroot alleen maar het risico bij diefstal of verlies. Een mix van een beetje cash, je pinpas en een creditcard is in de praktijk het meest relaxed.

Pinnen in Thailand

Pinnen is in Thailand heel normaal, zeker in steden en toeristische gebieden. In Bangkok, Chiang Mai, Krabi, Phuket en op eilanden als Koh Samui en Koh Phangan kom je overal pinautomaten tegen. Zelfs in kleinere plaatsen als Pai, Kanchanaburi of Trang staat meestal wel een ATM op de hoofdstraat.

Bijna alle Thaise banken rekenen een vaste toeslag per opname, vaak rond de 200 tot 250 baht. Dat is een lokale fee, daar kom je niet onderuit, ook niet met een “gratis pinpas”. De truc is dus om liever minder vaak een groter bedrag te pinnen dan heel vaak kleine beetjes. Je eigen bank kan daarnaast ook nog kosten rekenen voor pinnen buiten Europa, dus check dat even in je bankapp voor vertrek.

Zo pin je slim en veilig

  • Zet je pinpas op “wereld” of “buiten Europa” via je bankapp. Doe dit al in Nederland, anders sta je in Bangkok voor een dichte deur.
  • Kies bij voorkeur een automaat die vastzit aan een bankfiliaal, zoals Bangkok Bank, Krungsri of Kasikorn, bijvoorbeeld in wijken als Siam, Silom of bij de oude stad in Chiang Mai.
  • Als de automaat vraagt of je de “conversion” wilt accepteren, kies dan no. Laat je eigen bank de wisselkoers bepalen, dat is vrijwel altijd voordeliger dan de koers van de Thaise automaat.

In sommige toeristische gebieden, zoals de pier op Koh Phi Phi of een afgelegen dorp in het noorden, kan een automaat leeg of buiten gebruik zijn. Zorg daarom dat je altijd genoeg contant geld op zak hebt voor minstens een dag of twee: eten, vervoer en een simpele overnachting. Dit is extra belangrijk als je met de nachttrein reist, een meerdaagse trekking bij Chiang Mai doet of in een drijvende hut in Khao Sok National Park slaapt.

Een klassieke fout is om maar één betaalmiddel mee te nemen. Neem altijd ook een creditcard mee (Visa of Mastercard werkt het best). Als je pinpas wordt ingeslikt in een ATM in bijvoorbeeld Surat Thani of je pas ineens geblokkeerd wordt, heb je in ieder geval nog een backup om een hotel of buskaartje te betalen.

Checklist voor vertrek

  • Controleer de buitenlandkosten van je bank (pin- en creditcard).
  • Activeer je pas voor gebruik buiten Europa.
  • Noteer het noodnummer van je bank om je pas te blokkeren.
  • Stel een daglimiet in die hoog genoeg is voor een paar dagen cash.

Als je dit thuis al regelt, sta je niet midden in de nacht in Bangkok je bank te bellen omdat je pas het ineens niet doet.

Betalen met contant geld

Contant geld blijft in Thailand superbelangrijk. In lokale eetstalletjes, op markten en bij kleine guesthouses is cash gewoon de norm. Denk aan een bord khao soi in een simpel eettentje in Chiang Mai, een kokosnoot op het strand van Railay of een massage in een klein salonnetje in Krabi Town: daar gaat vrijwel alles contant.

Neem altijd een mix van kleine en middelgrote biljetten mee. Met een biljet van 1.000 baht afrekenen bij een kraampje dat 40 baht kost, levert vaak gezucht en gedoe op. Vraag in je hotel of guesthouse of ze een paar grote biljetten willen wisselen, of breek ze bij een grotere supermarkt als 7-Eleven, Big C of Lotus’s.

Situaties waarin je echt cash nodig hebt

  • Nachtmarkten zoals de Sunday Walking Street in Chiang Mai, de night market in Krabi Town of de weekendmarkt bij Chatuchak in Bangkok: eten, kleding en souvenirs gaan hier bijna altijd contant.
  • Lokale bussen en songthaews in bijvoorbeeld Chiang Rai, op Koh Samui of tussen kleine dorpen: je betaalt een paar tientjes baht direct aan de chauffeur.
  • Tempels en entreegelden in minder toeristische plaatsen, zoals een lokale tempel bij Nan of een historische site in Sukhothai.

In toeristische gebieden als Phuket, Ao Nang en delen van Bangkok zie je steeds vaker QR-betalingen via Thaise apps. Handig voor locals, maar als reiziger heb je daar meestal weinig aan, omdat je een Thaise bankrekening nodig hebt. Voor jou blijft contant geld gewoon het makkelijkst.

Verdeel je contante geld over meerdere plekken. Een deel in je portemonnee, een deel in je dagrugzak en eventueel een klein noodbedrag in je backpack of moneybelt. Zo raak je niet alles kwijt als je tas wordt gestolen in een nachtbus of je portemonnee uit je tas wordt gegrist op een drukke markt in Bangkok.

Let tot slot een beetje op bij het tellen van wisselgeld, vooral op drukke plekken als Khao San Road, de pier naar Koh Phi Phi of drukke food courts. Niet omdat iedereen je wil oplichten, maar in de drukte gaat er gewoon sneller iets mis. Tel zelf even snel na voordat je wegloopt.

Creditcards en andere betaalkaarten

Creditcards worden in Thailand veel gebruikt, maar lang niet overal. In grote steden en toeristische gebieden kun je er goed mee uit de voeten, maar in kleinere plaatsen en bij lokale ondernemers blijft contant geld de basis. Zie je een bordje met Visa, Mastercard of UnionPay bij de kassa, dan zit je meestal goed.

In hotels in Bangkok, Chiang Mai, Hua Hin of op Koh Samui kun je bijna altijd met een creditcard betalen. Ook grotere restaurants, winkelcentra als MBK Center, Terminal 21 of Central Festival in Phuket en internationale ketens als Starbucks en McDonald’s accepteren je kaart zonder probleem. Bij kleinere guesthouses, homestays en familierestaurants is cash vaak de enige optie, zeker buiten de grote steden.

Wanneer is een creditcard echt onmisbaar?

  • Bij het boeken van hotels, vooral als je via Booking.com boekt of rechtstreeks bij een resort op Phuket, Koh Tao of Koh Lipe. Ze vragen vaak om een creditcardgarantie.
  • Voor binnenlandse vluchten met maatschappijen als Thai AirAsia, Nok Air of Bangkok Airways. Online boeken gaat veel soepeler met een creditcard dan met een gewone pinpas.
  • Bij noodgevallen, zoals onverwachte medische kosten in een ziekenhuis in Bangkok of als je ineens een dure last minute vlucht naar huis moet boeken.

Let er wel op dat sommige hotels, scooterverhuurders of autoverhuurders een borg op je creditcard reserveren. Dat bedrag komt later weer vrij, maar het telt wel mee in je bestedingsruimte. Zorg dus dat je limiet hoog genoeg staat als je langere tijd reist of meerdere duurdere accommodaties achter elkaar boekt, bijvoorbeeld een resort in Khao Lak en daarna een luxe hotel op Koh Samui.

Prepaid reiskaarten met een Visa- of Mastercard-logo werken in Thailand meestal ook prima bij pinautomaten en betaalterminals. Check vooraf wel even de kosten per opname en de opslag op de wisselkoers. Soms lijkt zo’n kaart handig, maar betaal je uiteindelijk meer dan met je gewone bankpas.

Veilig omgaan met je kaarten

Bewaar je creditcard niet op dezelfde plek als je pinpas. Als je portemonnee kwijtraakt in een tuk-tuk in Bangkok of in een bar in de wijk Nimmanhaemin in Chiang Mai, heb je in ieder geval nog een reservekaart. Schrijf of sla de noodnummers van je bank en creditcardmaatschappij op, zodat je snel kunt bellen om je kaart te blokkeren.

Maak ook een foto of scan van de voor- en achterkant van je passen en sla die veilig op in bijvoorbeeld een beveiligde cloudmap. Als er iets kwijtraakt, kun je veel sneller handelen en hoef je niet in paniek allerlei gegevens op te zoeken.

Betalen in euro’s en veelgemaakte geldfouten

Met euro’s zelf kun je in Thailand vrijwel nergens betalen. In een enkel luxe hotel in Bangkok of een juwelier in een toeristische wijk als Patong op Phuket willen ze misschien wel euro’s aannemen, maar dan vaak tegen een slechte koers. Ga er gewoon vanuit dat je altijd in baht betaalt. Dat is overzichtelijker en uiteindelijk goedkoper.

Een veelgemaakte fout is om te denken dat je overal met kaart kunt betalen, omdat dat in Nederland zo normaal is. In Thailand is dat echt anders. Zodra je buiten de toeristische bubbel komt, bijvoorbeeld in een dorp in Isaan, bij een lokale markt in Lampang of in een homestay in de bergen bij Mae Hong Son, is cash de norm.

Typische valkuilen en hoe je ze voorkomt

  • Te weinig contant geld: pin in steden als Bangkok, Chiang Mai of Phuket wat extra voordat je naar een eiland of afgelegen gebied vertrekt, zoals Koh Lipe of een nationaal park.
  • Alles in één portemonnee: verdeel je geld over meerdere plekken. Een deel in de kluis op je kamer (als die er is), een deel in je dagtas en een klein deel op zak.
  • Geen overzicht houden: noteer grof wat je pint en uitgeeft, zeker als je langer dan twee weken reist. Zo voorkom je dat je aan het eind ineens krap zit en in je laatste dagen in Bangkok op je budget moet kauwen.

In toeristische gebieden kom je soms mensen tegen die aanbieden om geld te wisselen op straat, bijvoorbeeld rond Khao San Road of bij drukke markten. Dat lijkt soms aantrekkelijk qua koers, maar ik zou dat altijd vermijden. De kans op nepbiljetten of gedoe is gewoon te groot. Gebruik liever een officieel wisselkantoor, bank of pinautomaat.

Let ook op met geld opnemen in stille straatjes laat op de avond. Thailand voelt vaak veilig, maar je staat toch met een stapel cash in je hand. Kies liever een pinautomaat bij een 7-Eleven, een druk winkelcentrum of in de buurt van je hotel in een wijk als Sukhumvit of Nimmanhaemin.

Praktische geldtips per type reis

Hoe je je geldzaken het beste regelt, hangt ook af van hoe je reist. Een luxe strandvakantie op Phuket ziet er financieel anders uit dan een backpacktrip door het noorden met nachtbussen en homestays. De basis blijft hetzelfde, maar je legt de accenten net anders.

Maak voor jezelf een grove dagbegroting. In een stad als Bangkok kun je voor 25 tot 40 euro per dag eten en drinken als je veel streetfood eet en in een simpel guesthouse slaapt, bijvoorbeeld in de oude stad of bij Khao San Road. Kies je voor een resort op Koh Samui of een boutiquehotel in Chiang Mai, dan loopt dat natuurlijk op. Met een richtbedrag in je hoofd pin je gerichter en voorkom je dat je elke paar dagen weer naar de automaat moet.

Voorbeelden per soort reis

  • Backpacken langs plekken als Bangkok, Ayutthaya, Sukhothai en Chiang Mai: zorg voor wat meer contant geld, want je eet veel lokaal, slaapt in hostels en gebruikt bussen en treinen. Pinnen doe je vooral in de grotere steden en je bewaart een deel van je cash apart voor langere busritten.
  • Rondreis met kinderen langs bijvoorbeeld Khao Lak, Krabi en Koh Lanta: hier betaal je vaker met kaart in hotels en restaurants, maar houd altijd cash achter de hand voor snacks, taxi’s, strandstoeltjes en excursies zoals een boottocht naar de Hong-eilanden.
  • Luxe reis met resorts op Phuket, Koh Samui of Koh Phi Phi: je creditcard is hier je beste vriend voor hotels, spa’s en betere restaurants. Toch blijft contant nodig voor fooi, longtailbootjes, massages op het strand en kleine aankopen in lokale winkeltjes.

Wat goed werkt, is om een soort “dagportemonnee” te maken met het bedrag dat je die dag ongeveer wilt uitgeven, en de rest apart te bewaren in je tas of kluis. Zo geef je minder snel impulsief te veel uit op een markt in Chiang Mai of in een bar in de wijk Thonglor in Bangkok.

Reis je langer dan drie weken of combineer je Thailand met buurlanden als Laos of Cambodja, dan is het extra belangrijk om je geld een beetje te plannen. Pin bijvoorbeeld wat extra in Bangkok voordat je de grens oversteekt, en zorg dat je nog wat baht overhoudt voor als je later weer terug Thailand in komt via Chiang Khong of Aranyaprathet.

Tot slot nog een praktische tip: maak een simpele lijst met je betaalmiddelen (pinpas, creditcard, eventueel prepaid kaart) en zet erbij waar je ze bewaart. Als er iets kwijtraakt, weet je precies wat je nog hebt en hoef je niet in paniek je hele tas overhoop te halen in een hostel in Chiang Mai of op een pier in Surat Thani.

Lees verder

Ben je tevreden over dit artikel?

Je feedback helpt ons onze content te verbeteren.

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *