Blog

Phu Quoc: stranden, natuur en rust in het zuiden van Vietnam

Phu Quoc is het tropische eiland in het zuiden van Vietnam met lange stranden, groene natuur, snorkel- en duikplekken, vissersdorpjes en een heftig stukje geschiedenis.

Lynn 9 mei 2026 17 min lezen
Phu Quoc: stranden, natuur en rust in het zuiden van Vietnam

Phu Quoc

Phu Quoc is zo’n eiland waar je automatisch een tandje terugschakelt. Brede zandstranden, een warm zeetje en een groen binnenland maken het een fijne plek om je rondreis door Vietnam af te sluiten. Je kunt er rustig bijkomen, maar ook genoeg ondernemen als je niet dagenlang alleen op een ligbed wilt liggen.

Juist die combinatie maakt Phu Quoc interessant. Je hebt stranden in alle soorten, een nationaal park, kleine eilandjes om te snorkelen, vissersdorpjes en een stukje heftige geschiedenis. Als je een beetje weet waar je moet zijn, haal je er veel meer uit dan alleen een paar stranddagen.

Stranden op Phu Quoc: waar ga je zitten?

De belangrijkste keuze op Phu Quoc is eigenlijk simpel: wil je vooral rust of juist wat gezelligheid om je heen? De stranden verschillen best van sfeer. Waar je je hotel boekt, bepaalt dus voor een groot deel hoe je dagen eruitzien.

Drukkere stranden met meer keuze

Truong Beach, ook wel Long Beach genoemd, is het bekendste en langste strand van het eiland, zo’n 8 kilometer. Hier vind je de meeste hotels en resorts, van eenvoudige bungalows tot luxe plekken met infinity pool. Denk aan strandbars, ligbedden, massages op het strand en ’s avonds een rijtje restaurants langs het water.

Long Beach is handig als je het fijn vindt om alles op loopafstand te hebben: eten, een pinautomaat, een mini-supermarkt en een plek om een scooter te huren. Het is geen party-eiland zoals sommige Thaise eilanden, maar hier heb je wel de meeste reuring. Reis je met kinderen, dan is dit strand praktisch omdat je niet steeds een taxi nodig hebt voor een hapje eten.

Rond Duong Dong, aan het noordelijke deel van Long Beach, is het drukker en wat rommeliger. Het zuidelijke deel, richting het vliegveld, voelt net wat rustiger en moderner. Als je twijfelt, kies dan voor een accommodatie net buiten het centrum van Duong Dong: je loopt zo het drukke stuk in, maar slaapt iets rustiger.

Rustigere stranden en idyllische plekken

Zoek je meer rust en een mooier plaatje, dan is Sao Beach een beter idee. Het zand is hier bijna wit, het water lichtblauw en ondiep, en de palmbomen hangen half over het strand. Overdag kan het druk zijn met dagjesmensen, vooral in de weekenden en in het hoogseizoen, maar als je een stukje langs de kustlijn doorloopt, wordt het snel rustiger.

Sao Beach is ideaal als je gewoon een paar uur wilt zwemmen, lezen en wat foto’s wilt maken. Er zijn een paar strandtenten waar je een ligbed kunt huren en iets kunt eten. Reken hier wel op iets hogere prijzen dan in Duong Dong. Kom je met kleine kinderen, dan is het ondiepe water hier heel fijn.

Helemaal in het noordwesten ligt Ganh Dau Beach, bij een klein vissersdorp. Hier is het tempo nog een tandje lager. Een paar eenvoudige eetkraampjes, wat lokale vissersboten en een rustig strand waar je vaak bijna alleen bent. Op heldere dagen kun je vanaf hier Cambodja zien liggen. Dit strand voelt nog een beetje als het oude Zuidoost-Azië: simpel, vriendelijk en weinig poespas.

Een andere rustige optie is Ong Lang Beach, ten noorden van Duong Dong. Het strand is hier wat smaller en rotsiger, maar de sfeer is relaxed met kleine resorts en bungalows in het groen. Ong Lang is een goede keuze als je rust wilt, maar niet te ver van restaurants en tours wilt zitten.

Praktische strandtips en vervoer

Wil je meerdere stranden uitproberen, dan is een scooter huren het handigst. De afstanden zijn te groot om te lopen en met taxi’s heen en weer tikt het snel aan.

  • Huur een scooter in Duong Dong of bij je hotel en check altijd remmen en verlichting.
  • Zorg voor een internationale rijbewijsverklaring en rijd alleen als je je er echt prettig bij voelt.
  • Neem een lichte sarong of shirt mee voor in de schaduw, de zon is op het midden van de dag genadeloos.

De wegen zijn op veel plekken prima, maar er zitten nog genoeg gaten en zandstroken tussen. Rijd rustig, zeker in het donker, en vermijd de slecht verlichte stukken als je niet gewend bent aan Aziatisch verkeer.

Phu Quoc National Park: het groene binnenland in

Wat veel mensen niet verwachten: ongeveer 90 procent van Phu Quoc is bedekt met tropisch woud. Een groot deel daarvan valt onder het Phu Quoc National Park. Dat klinkt als eindeloze wandelpaden, maar in de praktijk verken je het park vooral met een scooter, auto of mountainbike, niet zozeer te voet.

In het park vind je verschillende soorten landschap: mangroves, drassig gebied, dicht bos en rotsachtige heuvels. Het is geen strak georganiseerd nationaal park met overal bordjes en duidelijke routes. Juist daardoor voelt het nog vrij ongerept, maar dat betekent ook dat je een beetje moet weten waar je heen gaat en niet zomaar elke zijweg inrijdt.

Hoe verken je het park het beste?

De meeste reizigers huren een scooter in Duong Dong en rijden richting het noorden, bijvoorbeeld via de weg naar Ganh Dau of Cua Can. Je komt dan vanzelf langs stukken bos, kleine dorpjes en verlaten wegen. Stop gewoon waar je het mooi vindt, loop een stukje een zandpad op en luister naar de vogels. Verwacht geen grote uitzichtpunten met platforms en bordjes, maar wel veel groen en af en toe een aap in de bomen.

Wil je actiever bezig zijn, dan kun je een mountainbike huren bij een resort rond Ong Lang of in Duong Dong. Vooral in de ochtend is het goed te doen. In de middag wordt het al snel te warm. Een leuke route is bijvoorbeeld van Duong Dong naar Cua Can en dan een lus door het binnenland terug.

In het regenseizoen kunnen sommige paden veranderen in modderpoelen. Check daarom bij je accommodatie hoe de omstandigheden zijn en welke wegen op dat moment goed begaanbaar zijn. In de maanden december tot en met maart zijn de zandwegen meestal het makkelijkst te rijden.

Valkuilen in het nationale park

Een paar dingen waar je echt rekening mee moet houden als je het binnenland in gaat:

  • Verwacht geen gemarkeerde wandelroutes. Het park is niet ingericht zoals veel Europese natuurparken. Ga niet zomaar het bos in zonder pad.
  • Neem bescherming tegen muggen mee, vooral in de buurt van mangroves en stilstaand water.
  • Ga niet in je eentje diep het bos in. Blijf op de hoofdwegen en duidelijk gebruikte paden. Verdwalen gaat sneller dan je denkt.

Neem altijd genoeg water mee, zeker als je een stuk gaat rijden zonder dorpjes tussendoor. Een halve dag het binnenland in is een fijne afwisseling na al dat strandhangen. Het laat zien dat Phu Quoc meer is dan alleen een mooie kustlijn.

An Thoi Islands: eilandjes, koraal en snorkelen

Ten zuiden van Phu Quoc liggen de An Thoi Islands, een kleine archipel van vijftien eilandjes. Dit is het gebied waar je de plaatjes vandaan kent van witte stranden, helder water en kleurrijk koraal. Het is een populaire dagtrip, maar als je een beetje kiest, voelt het nog steeds niet massaal.

Boten vertrekken meestal vanuit het zuidelijke stadje An Thoi. Je kunt kiezen uit verschillende soorten tours: van simpele houten boten met een lokale gids tot wat luxere dagtochten met lunch en snorkelspullen inbegrepen. Vraag vooraf goed welke eilanden worden aangedaan en hoe lang je per stop hebt. Sommige tours doen vooral korte fotostops, terwijl andere je echt de tijd geven om te snorkelen en te zwemmen.

Hoe ziet zo’n dag op het water eruit?

Meestal stop je op meerdere plekken: een eiland met een rustig strand, een plek met koraal om te snorkelen en soms een klein vissersdorpje. Rond eilanden als Hon Thom en Hon Gam Ghi is het water vaak helder genoeg om goed te snorkelen, zeker in de droge maanden van november tot en met maart. Je ziet dan veel tropische vissen en stukken koraal, al is niet alles meer in perfecte staat.

Er zijn geen officiële hotels op de An Thoi Islands, maar bij sommige families kun je tegen een kleine vergoeding blijven slapen. Dat is basic: denk aan een simpel matras, ventilator en gedeelde badkamer. In ruil daarvoor krijg je stilte, een sterrenhemel en vers gevangen vis van de barbecue. Als je van dit soort ervaringen houdt en niet te veel luxe nodig hebt, is één nachtje blijven echt de moeite waard.

Handige tips voor een boottocht

Let op een paar praktische dingen als je een tour boekt:

  • Check het weer. Bij harde wind kan de zee onrustig zijn en is snorkelen minder leuk.
  • Vraag naar het maximum aantal mensen op de boot. Hoe kleiner de groep, hoe relaxter de dag.
  • Neem eigen snorkelmasker mee als je dat hygiënischer vindt; het materiaal aan boord is niet altijd top.

Neem ook een droog zakje mee voor je telefoon en wat contant geld voor drankjes aan boord of op de eilandjes. Smeer je extra goed in, want op het water verbrand je sneller dan je doorhebt. Reis je met kinderen, kies dan voor een tour met een grotere, stabiele boot en vraag expliciet naar zwemvesten in kindermaten.

Tempels, cultuur en de kabelbaan rond Duong Dong

Phu Quoc staat niet bekend als dé culturele hotspot van Vietnam, maar er zijn wel een paar plekken die het waard zijn om even uit je strandritme te stappen. Zeker rond Duong Dong, de grootste plaats van het eiland, kun je makkelijk een paar tempels en uitzichtpunten meepakken.

De bekendste tempel is Dinh Cua Rock, een combinatie van tempel en vuurtoren. Hij ligt op een rots bij de monding van de rivier, vlak bij de kust. Als je de trap omhoog loopt, heb je een mooi uitzicht over de rivier, de vissersboten en de zee. Vooral rond zonsondergang is het hier sfeervol: locals komen bidden, kinderen spelen, en jij staat ertussen met je camera.

Daarnaast heb je de Sung Hung Pagode en de Hung Long Tu Pagode, allebei in of bij Duong Dong. Het zijn geen enorme complexen, maar wel fijne plekken om even rond te lopen en te kijken hoe mensen wierook aansteken en offers neerleggen. Je hoeft er geen uren voor uit te trekken; een uurtje langs deze tempels is vaak genoeg, bijvoorbeeld onderweg naar de avondmarkt.

De kabelbaan naar Hon Thom

Ten zuiden van An Thoi vertrekt een lange kabelbaan naar Hon Thom (Pineapple Island). Deze rit is vooral leuk als je van uitzichten houdt: je zweeft over zee, langs kleine eilandjes en vissersboten. De rit zelf is bijna het hoogtepunt. Op Hon Thom vind je een groot park met glijbanen, zwembaden en een aangelegd strand.

De kabelbaan is handig als je makkelijk een dagje uit wilt zonder zelf een boot te regelen. Hou er wel rekening mee dat het park commercieel en druk kan zijn, vooral in weekenden en Vietnamese vakanties. Zoek je juist rust en natuur, dan passen de An Thoi Islands met een kleine boottocht beter bij je.

Praktische tempel- en uitjesetiquette

Ook al is Phu Quoc relaxed, in tempels gelden dezelfde basisregels als in de rest van Vietnam:

  • Bedek je schouders en knieën, zeker als je naar binnen gaat.
  • Doe je schoenen uit waar dat gevraagd wordt, meestal bij de ingang van de gebedsruimte.
  • Wees rustig met foto’s. Kijk even om je heen of anderen het ook doen en vraag het eventueel vriendelijk.

Combineer een bezoek aan de tempels met een wandeling door Duong Dong zelf. Loop langs de rivier, kijk naar de vissersboten en eindig bij de Dinh Cau night market voor avondeten. Zo heb je in één namiddag een mix van cultuur, lokaal leven en eten.

Duiken, snorkelen en het leven onder water

Rondom Phu Quoc ligt een flink stuk koraalrif. Het water is warm, meestal rustig en vol voedingsstoffen, waardoor tropische vissen zich hier prima thuis voelen. Als je van duiken of snorkelen houdt, is het een leuke plek om een dag of twee het water in te gaan.

De beste duikspots liggen bij de An Thoi Islands in het zuiden en bij Turtle Island in het noordwesten. Vanuit Duong Dong vertrekken dagelijks boten van verschillende duikscholen. Je kunt er terecht als ervaren duiker, maar ook als je alleen wilt snorkelen. De meeste boten hebben zowel duikers als snorkelaars aan boord en zoeken plekken uit waar het voor allebei interessant is.

Duiken of snorkelen: wat past bij jou?

Als je al een duikbrevet hebt, is het leuk om één of twee duikdagen te plannen. Verwacht geen superdiepe technische duiken, maar wel ontspannen duiken met redelijk zicht en veel leven op en rond het rif. Denk aan kleurrijke rifvissen, zachte koralen en af en toe een grotere vis die voorbij komt. Vooral rond Hon Dau en Turtle Island kun je met een beetje geluk scholen vissen zien.

Snorkelen is een stuk laagdrempeliger en vaak genoeg om een idee te krijgen van hoe rijk het onderwaterleven hier is. Voor snorkelaars zijn de ondiepe stukken rond de eilanden ideaal, zeker als het water rustig is. Je drijft dan gewoon boven het rif en kijkt zo naar beneden. Rond de zuidkust bij An Thoi is het water vaak helderder dan in het noorden.

Veilig en relaxed het water in

Een paar praktische tips uit ervaring:

  • Boek bij een betrouwbare duikschool in Duong Dong of via je hotel, niet bij het eerste beste mannetje op straat dat een foldertje uitdeelt.
  • Vraag naar de groepsgrootte en ervaring van de gidsen, zeker als je nog niet veel hebt gedoken.
  • Bescherm je huid met een T-shirt of lycra tijdens het snorkelen; je verbrandt sneller dan je denkt op het water.

Hou er rekening mee dat het zicht onder water in het regenseizoen minder goed kan zijn door regen en golven. De maanden november tot en met maart zijn over het algemeen het meest stabiel en helder. Ben je gevoelig voor zeeziekte, neem dan een tabletje een half uur voor vertrek en kies voor een grotere boot.

Dorpjes, nachtmarkt en het dagelijkse leven op Phu Quoc

Blijf je alleen in je resort, dan mis je een groot deel van de charme van Phu Quoc. Juist de dorpjes, markten en vissersboten laten zien dat dit niet alleen een vakantie-eiland is, maar ook gewoon een plek waar mensen wonen en werken.

Duong Dong is de grootste plaats en de logische uitvalsbasis. Hier vind je hotels, restaurants, banken, duikscholen en reisbureautjes. Het is geen mooie stad in klassieke zin, maar wel levendig. De Dinh Cau night market is ’s avonds het gezelligste deel. Kraampjes met verse vis, gegrilde inktvis, loempia’s, noedels en zoetigheden staan hier allemaal door elkaar.

Je eet er goed en betaalbaar, en het is een leuke plek om verschillende Vietnamese gerechten te proeven zonder dat je meteen een heel restaurant in hoeft. Probeer bijvoorbeeld gegrilde zeebaars met knoflook, verse springrolls of een simpele kom pho. Reken erop dat het rond 19.00 tot 21.00 uur het drukst is.

Iets ten noorden van Duong Dong ligt Cua Can, een klein vissersdorpje dat een totaal andere sfeer heeft. Hier is stroom geen vanzelfsprekendheid in elk huis en hoor je vooral het geluid van langsvarende boten en spelende kinderen. Het dorp staat bekend om zijn houten bruggen, soms zo smal dat alleen motoren, fietsen en voetgangers erover kunnen. Dit is een goede plek om te zien hoe het leven op het eiland eruitziet buiten de resorts.

Respectvol meekijken met het lokale leven

Een paar dingen die helpen om niet alleen toeschouwer te zijn:

  • Ga overdag naar Cua Can of een ander vissersdorpje en loop gewoon een rondje, zonder haast.
  • Koop iets kleins bij een lokaal tentje, zoals een koffie, suikerrietsap of een snack. Je steunt de mensen daar en het breekt het ijs.
  • Wees respectvol met foto’s. Vraag even met een glimlach als je iemand echt herkenbaar op de foto wilt zetten.

Zelf merk ik dat een halve dag rondslenteren in Duong Dong en een bezoek aan een dorpje als Cua Can een fijne onderbreking is van het strand. Je krijgt meer gevoel bij het eiland en de mensen die er wonen, en dat maakt je verblijf net wat rijker.

Coconut Tree Prison en de geschiedenis van Phu Quoc

Phu Quoc voelt nu licht en ontspannen, maar heeft ook een donkere bladzijde in zijn geschiedenis. De Coconut Tree Prison, gebouwd na de Tweede Wereldoorlog door de Franse koloniale macht, werd tijdens de Vietnamoorlog gebruikt als gevangenis. Tienduizenden mensen zijn hier opgesloten, gemarteld en gedood. De naam klinkt bijna vriendelijk, maar de werkelijkheid was dat niet.

Na de hereniging van Vietnam is de gevangenis gesloten en omgevormd tot museum. Binnen zie je zwart-wit foto’s, documenten en reconstructies van de martelmethodes die hier zijn gebruikt. Het is geen luchtig uitje, maar wel een plek die indruk maakt. Buiten staat een monument voor de slachtoffers, waar vaak bloemen liggen.

Reken erop dat een bezoek hierheen je even stil maakt. Het is geen plek voor jonge kinderen en ook niet iets wat je “even snel” tussendoor doet. Plan het bijvoorbeeld in op een dag dat je verder weinig hebt, zodat je daarna rustig kunt bijkomen op het strand of in een café in Duong Dong.

Praktische tip: neem een taxi of scooter naar de gevangenis en check vooraf de openingstijden bij je hotel. Binnen is weinig uitleg in het Engels, dus als je meer context wilt, kun je een gids regelen of vooraf wat lezen over de geschiedenis van Phu Quoc tijdens de oorlog. Neem eventueel een sjaal of vest mee; sommige ruimtes zijn onverwacht koel door airco.

Reizen naar Phu Quoc, beste reistijd en handige keuzes

Phu Quoc ligt in het zuiden van Vietnam, vlak onder de Cambodjaanse kust. Vanuit Nederland vlieg je meestal eerst naar Ho Chi Minh City. Er zijn geen directe vluchten, dus je stapt ergens over, bijvoorbeeld in Doha, Singapore of Bangkok. Maatschappijen en routes veranderen regelmatig, dus vergelijk altijd meerdere opties via een goede vluchtzoeker.

Vliegen of met de boot?

Vanaf Ho Chi Minh City kun je kiezen tussen het vliegtuig en de boot. Vliegen is meestal het makkelijkst: binnen een uur sta je op Phu Quoc International Airport. Binnenlandse vluchten zijn vaak verrassend betaalbaar, denk aan rond de 30 tot 60 euro voor een retour, afhankelijk van seizoen en hoe vroeg je boekt. Ook vanuit Hanoi, Da Nang en Can Tho gaan directe vluchten.

De boot is een alternatief als je het leuk vindt om via het vasteland te reizen. Je vertrekt dan bijvoorbeeld vanuit Rach Gia, Ha Tien of Hon Chong. Afhankelijk van het type boot doe je er ongeveer twee tot drie uur over. Snelle boten zijn niet altijd veel goedkoper dan vliegen, dus reken even door wat voor jou het meest logisch is. De boot is leuk als onderdeel van een route langs de Mekong Delta, maar minder handig als je krap in de tijd zit of snel zeeziek wordt.

Reis je met kinderen of grote koffers, dan is vliegen meestal de meest ontspannen optie. Kom je vanuit Cambodja, dan is de route via Ha Tien en dan de boot naar Phu Quoc juist weer logisch.

Wanneer ga je naar Phu Quoc?

De beste tijd om naar Phu Quoc te reizen is grofweg van november tot en met maart. Dan is het droog, zonnig en rond de 30 graden overdag. Het zeewater is warm en de luchtvochtigheid is goed te doen. Dit is ook de drukste periode, dus boek je accommodatie op tijd als je rond kerst of Tết (Vietnamees nieuwjaar) wilt gaan.

Het regenseizoen loopt van april tot eind oktober, met de meeste regen in juli, augustus en september. Dat betekent niet dat het dan de hele dag giet, maar je hebt wel kans op stevige buien en ruwer zeewater. Duiken en snorkelen kunnen dan minder aantrekkelijk zijn door slechter zicht. Aan de andere kant zijn de prijzen vaak lager en is het rustiger op de stranden.

Hou je niet van hitte, sla dan vooral april en mei over. Dan kan de temperatuur makkelijk boven de 35 graden uitkomen, met een luchtvochtigheid rond de 80 procent. Voor een relaxte strandvakantie met wat uitstapjes is december tot en met februari meestal het meest comfortabel. Je hebt dan de grootste kans op blauwe lucht, rustig water en aangename warmte zonder dat je bij elke stap zweet.

Tot slot een praktische keuze: plan Phu Quoc idealiter aan het einde van je reis door Vietnam. Eerst de drukte van Hanoi, Ho Chi Minh City of Hoi An, daarna uitwaaien op het strand. Zo stap je een stuk uitgeruster weer in het vliegtuig naar huis.

Meer praktische reisinfo over reizen door Vietnam vind je in de Vietnam vakantieland wiki.

Ben je tevreden over dit artikel?

Je feedback helpt ons onze content te verbeteren.

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *