Almería bezoeken: bezienswaardigheden, stranden en omgeving
Almería in Andalusië is meer dan alleen zon en strand. Bezoek het Alcazaba, de kathedraal, Cabo de Gata, de Tabernaswoestijn en witte dorpen als Mojácar en Níjar.
Almería bezienswaardigheden
Almería is zo’n plek waar je komt voor zon en zee, maar blijft hangen vanwege de sfeer en de ruige omgeving. Een compacte havenstad in Andalusië, met een Arabisch fort, een kathedraal die meer op een vesting lijkt en een kust vol kleine baaien. Vanuit de stad rijd je zó de woestijn in of de bergen van de Sierra Nevada in.
Als je een paar dagen in Almería bent, kun je makkelijk afwisselen tussen strand, stad en dagtrips. De meeste hoogtepunten liggen relatief dichtbij, dus met een huurauto of een paar georganiseerde tours kom je een heel eind.
Cabo de Gata-Níjar: ruige kust en stille stranden
Twintig tot dertig minuten buiten de stad sta je ineens in een heel ander Spanje: het natuurpark Cabo de Gata-Níjar. Vulkanische rotsen, kliffen, zoutpannen met flamingo’s en kleine baaien met helder water. Geen hoogbouw, geen drukke boulevards, maar een vrij ongerepte, stille kust.
De bekendste stranden zijn Playa de Mónsul en Playa de los Genoveses, vlak bij het dorp San José. Dat zijn van die stranden waar je denkt: hier kan elk moment een filmploeg opduiken. Brede baaien, zacht zand en rotsen waar je tussendoor kunt klauteren. In het hoogseizoen mag je vaak niet met de auto helemaal doorrijden en moet je een stuk lopen of de pendelbus nemen vanaf een centrale parkeerplaats.
Bij Las Salinas de Cabo de Gata, vlak bij de vuurtoren, zie je regelmatig flamingo’s in het ondiepe water. Langs de weg staan observatiehutten waar je rustig kunt kijken zonder midden op de weg te hoeven stoppen. Neem als het kan een verrekijker mee, dan zie je de vogels en andere watervogels echt goed.
Praktische tips voor Cabo de Gata
Het park is beschermd natuurgebied, dus verwacht geen rijen strandtenten en douches. Er zijn bijna geen voorzieningen, en dat is precies de charme, maar je moet je er wel op voorbereiden.
- Neem genoeg water en snacks mee, zeker in juli en augustus.
- Een hoed of pet is geen overbodige luxe, er is weinig natuurlijke schaduw.
- Goede sandalen of sportschoenen zijn handig voor de rotsachtige stukken en korte wandelingen naar uitzichtpunten.
- Check vooraf de toegangsregels voor de stranden in het hoogseizoen; sommige wegen worden dan afgesloten.
Een leuke manier om deze kust te ontdekken is per kajak. Vanaf bijvoorbeeld San José of La Fabriquilla kun je een tocht boeken langs rotsbogen, kleine grotten en rustige baaitjes. Vaak zit er tijd bij om te snorkelen. Zo zie je veel meer van de kust dan vanaf de weg, en je komt op plekken waar je anders niet zo snel zou komen.
Let wel op de wind. Op dagen met stevige oostenwind kunnen golven en stroming verraderlijk zijn, zeker bij open baaien. Kies dan liever voor een beschutte plek zoals de baai bij San José zelf, of schuif je stranddag door naar een andere dag.
Alcazaba van Almería en wijk La Chanca
Het Alcazaba de Almería zie je al van ver liggen boven de stad. Dit Arabische fort uit de 10e en 11e eeuw was ooit een van de belangrijkste verdedigingswerken van Andalusië. Het complex is groot, maar voelt niet overweldigend, en je kunt er rustig rondlopen door tuinen, langs muren en torens.
Fijn detail: de toegang tot het Alcazaba is gratis. Dat maakt het extra leuk om er wat langer de tijd te nemen. Loop in elk geval naar de Torre del Homenaje voor een uitzicht over de haven, de daken van de stad en de omliggende heuvels. Ga bij voorkeur in de ochtend of eind van de middag, dan is het licht mooier en is het minder heet.
Je ziet hier nog goed hoe belangrijk Almería was tijdens de Moorse periode. De dikke muren, waterbassins en de indeling van de tuinen doen denken aan andere Arabische forten in Andalusië, maar het is hier een stuk rustiger dan bijvoorbeeld bij het Alhambra in Granada. Neem een flesje water mee; er is weinig schaduw op de muren zelf.
La Chanca: kleurrijke wijk onder het fort
Onder het Alcazaba ligt de wijk La Chanca, een oude zigeunerwijk waar veel huizen half in de rotsen zijn gebouwd. Het is een wirwar van smalle straatjes, gekleurde gevels en kleine grottenwoningen. Vanaf de muren van het fort ziet het er bijna schilderachtig uit.
Als je hier gaat wandelen, doe dat dan overdag en blijf vooral op de wat grotere straatjes. Het is geen opgepoetste toeristenwijk met winkeltjes en terrasjes, maar juist dat maakt het interessant om even te zien. Combineer het met je bezoek aan het Alcazaba, dan hoef je niet apart die kant op.
Tip: draag goede schoenen. De straatjes kunnen steil zijn en de stoepen zijn niet overal even netjes. Als je met kleine kinderen bent of slecht ter been, kun je La Chanca beter vooral van bovenaf bekijken, vanaf de muren van het fort.
Desierto de Tabernas en Oasys MiniHollywood
Op nog geen half uur rijden ten noorden van Almería sta je in de Desierto de Tabernas, de enige echte woestijn van Europa. Het landschap is droog, stoffig en vol uitgesleten heuvels en ravijnen. Als je hier rondloopt, snap je meteen waarom er zoveel westerns zijn opgenomen.
Je kunt dit gebied op verschillende manieren beleven. Met de auto rijd je via de hoofdweg langs uitzichtpunten, maar het is leuker om een wandeling te maken of een georganiseerde jeeptour te doen. In de zomer is het hier echt heet, dus ga vroeg op de dag en neem veel water mee. In het voor- en najaar is het een stuk aangenamer en kun je rustig een paar uur buiten zijn.
Oasys MiniHollywood: westernsfeer met waterpark
Een bekende plek in dit gebied is Oasys MiniHollywood, een themapark in westernstijl. Je loopt hier door oude filmsets met saloons, een sheriffkantoor en een stoffig dorpsplein. Er zijn shows met cowboys, paarden en soms een ouderwetse bankoverval.
Het park is vrij toeristisch, maar als je met kinderen reist, is het een leuke afwisseling. Er is ook een klein dierenpark en een zwembadgedeelte, wat in de zomer echt welkom is. Reken op een halve tot hele dag als je alles rustig wilt doen.
- Neem zwemspullen en slippers mee als je het waterpark in wilt.
- Koop je tickets van tevoren online in het hoogseizoen, dan voorkom je lang wachten bij de kassa.
- Combineer Oasys met een korte rit door de woestijn, dan heb je een volle, maar afwisselende dag.
Heb je geen zin in een pretpark, dan kun je de woestijn ook gewoon zelf verkennen. Parkeer bij een van de officiële parkeerplaatsen en loop een gemarkeerde route, bijvoorbeeld bij het dorpje Tabernas zelf. Ga niet zomaar off-road rijden; de ondergrond is verraderlijk en je zit niet te wachten op pech midden in de hitte.
Let op dat er in dit gebied weinig schaduw en nauwelijks horeca is buiten de themaparken. Vul je tank in Almería of Tabernas en neem meer water mee dan je denkt nodig te hebben. In juli en augustus is een pet, zonnebril en luchtige kleding hier geen luxe, maar basisuitrusting.
Kathedraal en centrum van Almería
De kathedraal van Almería, de Catedral de la Encarnación, ziet er van buiten meer uit als een fort dan als een kerk. Dat is geen toeval: hij is in de 16e eeuw gebouwd met dikke muren en torens om de stad tegen piraten te beschermen. De mix van gotische en renaissancestijl maakt het een bijzonder gebouw om even rustig rond te lopen.
Binnen is de kathedraal vrij sober ingericht. Verwacht geen overdadige goudversiering zoals in sommige andere Spaanse kerken. Juist daardoor vallen details als het koorgestoelte en de kapellen meer op. Als je online een ticket boekt, kun je ook het Monasterio de las Puras bezoeken, een klooster vlakbij dat normaal wat minder opvalt.
Rondom de kathedraal liggen kleine straatjes met cafés, bakkerijen en een paar leuke boetiekjes. Dit is een fijne buurt om aan het eind van de middag neer te strijken voor een drankje en wat tapas. Denk aan een simpel glas tinto de verano met een bordje gegrilde garnalen of patatas bravas op een terrasje bij Plaza de la Catedral.
Paseo de Almería en Las Ramblas
Voor een ontspannen stadswandeling is de Paseo de Almería ideaal. Dit is de hoofdstraat met winkels, terrasjes en ijssalons. Onder de bomen is het net wat koeler, waardoor je hier ook midden op de dag nog redelijk kunt lopen. Het is geen spectaculaire boulevard, maar gewoon een prettige plek om even te slenteren, een ijsje te halen en mensen te kijken.
Langs de kust heb je de promenade die vaak Las Ramblas wordt genoemd. Hier kun je ’s avonds goed wandelen als de hitte uit de dag is. Je loopt langs de zee, strandtenten en speeltuintjes. Vooral Spanjaarden zelf komen hier laat op de avond nog met kinderen, dus het voelt levendig maar niet massaal toeristisch.
Een veelgemaakte fout is om Almería alleen als doorreisstad te zien. Trek in elk geval een dag uit om het centrum, het Alcazaba en de kathedraal te bekijken. Daarna kun je altijd nog beslissen of je langer wilt blijven voor de omgeving, zoals Cabo de Gata of de Tabernaswoestijn.
Stranden aan de Costa de Almería
Met gemiddeld 320 dagen zon per jaar is het niet gek dat veel mensen vooral voor de stranden naar Almería komen. De kust direct bij de stad is niet de mooiste van Spanje, maar wel praktisch: brede stranden, speeltuintjes, douches en genoeg strandtenten voor een lunch of een drankje. Het stadsstrand Playa de San Miguel en het aangrenzende Playa del Zapillo zijn de bekendste.
Het stadsstrand is ideaal als je een hotel in de buurt hebt en geen zin hebt om te rijden. Verwacht hier geen kristalhelder water zoals bij kleine baaitjes, maar gewoon een prima stranddag met alles binnen handbereik. Voor gezinnen is dit vaak de meest ontspannen keuze, omdat je zo terug bent in je accommodatie voor een middagdutje of schone kleren.
Zoek je meer rust en natuur, dan kom je al snel weer uit bij Cabo de Gata. Playa de Mónsul en Playa de los Genoveses noemde ik al, maar ook stranden bij dorpjes als Agua Amarga en Las Negras zijn de moeite waard. Daar heb je vaak een klein dorpspleintje met een paar restaurants, en een strand dat een stuk minder vol ligt dan direct bij de stad.
Handige strandtips rond Almería
- In juli en augustus is het midden op de dag vaak te heet. Ga vroeg in de ochtend of pas na 17.00 uur naar het strand.
- Neem altijd zonnebrand met hoge factor mee. De zon is hier echt fel, ook in mei en september.
- Check de wind: op sommige dagen kan het flink waaien, dan is een beschutte baai fijner dan het open stadsstrand.
- Bij kleinere baaien in Cabo de Gata zijn geen douches en toiletten, dus plan je dag daarop.
De temperatuur van het zeewater is hier in de zomer aangenaam warm. Veel Spanjaarden zwemmen tot ver in oktober nog in zee. In het voorjaar is het fris, maar op een zonnige dag wel goed te doen als je niet te lang in het water blijft. Als je gevoelig bent voor kou, neem dan een dun surfshirt mee voor langere snorkel- of zwemsessies.
Dagtrip naar Granada en het Alhambra
Vanaf Almería rij je in minder dan twee uur naar Granada, aan de andere kant van de Sierra Nevada. Dat maakt Almería een handige uitvalsbasis als je strand wilt combineren met een bezoek aan het Alhambra, het bekendste paleis van Andalusië.
Het Alhambra is geen spontaan-uitje-dat-je-ter-plekke-regelt. Tickets zijn vaak al weken van tevoren uitverkocht, zeker in de schoolvakanties en in het voorjaar. Reserveer je toegang ruim vooraf online, en let erop dat je een ticket neemt waar ook de Nasridenpaleizen bij zitten. Dat is het mooiste deel en dat wil je niet missen.
Vanaf Almería kun je dit als dagtrip doen, maar het wordt dan wel een volle dag. Reken op:
- ongeveer 2 uur rijden enkele reis, via de A-7 en A-92
- minstens 3 tot 4 uur in het Alhambra zelf
- tijd om even door Granada te lopen, bijvoorbeeld in de wijk Albaicín of rond Plaza Nueva
Als je de tijd hebt, is het fijner om één nacht in Granada te blijven. Dan kun je ’s avonds door de stad dwalen, tapas eten rond Plaza Nueva en de volgende ochtend op je gemak terugrijden. Maar als je strak plant, is een dagtrip vanuit Almería zeker haalbaar.
Route via Las Alpujarras
Heb je een huurauto en zin in een wat langere, maar mooiere route, dan kun je via de Las Alpujarras rijden. Dit is een berggebied met witte dorpjes zoals Pampaneira, Bubión en Capileira. De weg is bochtig, maar het uitzicht maakt veel goed: groene valleien, terrassen en in de verte de besneeuwde toppen van de Sierra Nevada (afhankelijk van het seizoen).
Je kunt dit combineren met Granada, maar dan wordt het echt een lange dag. Beter is om er een aparte route van te maken als je meer tijd in Andalusië hebt. Vanuit Almería kun je bijvoorbeeld een rondje plannen: Almería – Tabernaswoestijn – Las Alpujarras – Granada – terug naar de kust.
Let op dat je in de bergen minder tankstations en restaurants tegenkomt dan langs de snelweg. Tank op tijd en neem wat snacks en water mee, zeker als je met kinderen reist of snel wagenziek wordt. De bochtige wegen vragen om rustig rijden en af en toe een korte stop.
Witte dorpen en overnachten in Almería
In de provincie Almería liggen een paar dorpen die officieel op de lijst Los Pueblos más Bonitos de España staan. Dat zijn niet zomaar toeristische slogans, maar echt dorpen die de moeite waard zijn om voor om te rijden.
Mojácar ligt zo’n 86 kilometer van Almería en is onder Spanjaarden erg geliefd. Het oude dorp ligt bovenop een rots, met witte huizen die tegen de helling geplakt lijken. Vanuit het dorp heb je een weids uitzicht over de kust en het achterland. Beneden aan zee ligt Mojácar Playa, met een lange strook hotels, restaurants en strand.
Níjar, op ongeveer 35 kilometer van de stad, is een kleiner, pittoresk dorp met smalle straatjes, veel bloemen en witte huizen. Hier hangt een wat rustiger sfeer dan in Mojácar. Het is een fijne stop als je onderweg bent naar Cabo de Gata, bijvoorbeeld om even koffie te drinken op een pleintje of een lokaal aardewerkwinkeltje binnen te lopen.
Lucainena de las Torres ligt iets verder het binnenland in, op zo’n 54 kilometer. Het is een klein dorp met een paar uitzichtpunten, onder andere bij de restanten van oude ijzerovens en een wachttoren. Leuk om te combineren met een rit richting de Tabernaswoestijn als je een halve dag de tijd hebt.
Fijne hotels in Almería stad
Als je in de stad zelf wilt overnachten, zijn er een paar adressen die ik zou aanraden als je waarde hecht aan sfeer en locatie.
- HO Puerta de Purchena: moderne appartementen vlak bij het centrum, met een dakterras en zwembad. Ideaal als je wat meer ruimte en een kleine keuken wilt.
- Murallas de Jayrán Hotel Boutique: sfeervol boetiekhotel op zo’n 500 meter van de kathedraal. Fijn als je graag in een wat kleinere, persoonlijke accommodatie zit.
- Hotel Cathedral: ligt letterlijk naast de kathedraal, midden in het historische centrum. Handig als je vooral te voet de stad wilt ontdekken.
Let bij het boeken op parkeermogelijkheden. In het oude centrum is parkeren met de auto niet altijd handig en soms duur. Als je met een huurauto reist, is een hotel met eigen parkeergarage of een duidelijke parkeertip geen overbodige luxe.
Reis je in het hoogseizoen, boek dan ruim op tijd, zeker als je specifieke data hebt. In juli en augustus zit Almería vol met Spaanse vakantiegangers, vooral in de weekenden. In het voor- en najaar heb je meer keuze en vaak betere prijzen.
Klimaat en beste reistijd voor Almería
Almería heeft een uitgesproken droog, bijna woestijnachtig klimaat. Het regent weinig, vooral in de zomer bijna niet. Dat is fijn als je zonzeker weer zoekt, maar het betekent ook dat het in juli en augustus echt heet kan worden, met temperaturen boven de 40 graden.
De stad staat bekend als een van de droogste plekken van Spanje en heeft gemiddeld 320 dagen zon per jaar. Een opvallend weetje: in Almería is nog nooit officieel vorst gemeten. Zelfs in de winter blijft de temperatuur meestal ruim boven nul. Overdag is 15 tot 18 graden in januari en februari heel normaal.
Beste maanden om te gaan
Voor een combinatie van stad, strand en uitstapjes vind ik zelf het voorjaar (april, mei) en het najaar (september, oktober) het prettigst. Dan heb je vaak temperaturen tussen de 20 en 27 graden, genoeg zon, maar niet die drukkende hitte. Ook voor wandelingen in Cabo de Gata of de Tabernaswoestijn zijn dit de fijnste maanden.
- Zomer (juni, juli, augustus): perfect als je vooral aan het strand wilt liggen en veel in zee wilt zwemmen. Plan uitstapjes naar de woestijn of het binnenland vroeg in de ochtend.
- Voorjaar en najaar: ideaal voor wandelen in Cabo de Gata, de Tabernaswoestijn en dagtrips naar Granada of Las Alpujarras.
- Winter: rustig, zacht weer, maar minder levendige sfeer aan de kust. Wel fijn als je de drukte wilt vermijden en vooral wilt rondrijden en steden bezoeken.
Een valkuil is onderschatten hoe fel de zon hier is, ook buiten de zomer. In maart kun je al verbranden als je de hele dag buiten bent. Zonnebrand en een pet zijn hier geen luxe, maar basisuitrusting, zeker als je met kinderen reist of veel gaat wandelen. Neem ook altijd een fles water mee als je de stad in gaat; fonteintjes zijn er, maar niet op elke hoek.
Meer praktische reisinfo over reizen door Spanje vind je in de Spanje vakantieland wiki.
Ben je tevreden over dit artikel?
Je feedback helpt ons onze content te verbeteren.
Bedankt voor je feedback. We nemen het mee.